De arbeidsmarkt is al geruime tijd krap en dat dwingt werkgevers om anders te kijken naar talent. Vacatures blijven langer open en het aanbod van kandidaten met het ‘juiste’ diploma is beperkt. Steeds vaker ontstaat daardoor de vraag: kijken we eigenlijk wel naar de juiste criteria? In de praktijk blijkt dat het antwoord voor veel organisaties nee is. Niet het diploma, maar de vaardigheden van een kandidaat maken het verschil.
Vooral in technische en industriële omgevingen wordt duidelijk dat diploma’s lang niet altijd een goede voorspeller zijn van succes in een functie. Iemand kan op papier uitstekend zijn opgeleid, maar moeite hebben met de dagelijkse praktijk. Tegelijkertijd zijn er genoeg professionals die via werkervaring, interne opleidingen of bijscholing precies de skills hebben ontwikkeld die nodig zijn om direct waarde toe te voegen. In een arbeidsmarkt waar snelheid en flexibiliteit steeds belangrijker worden, is dat een groot voordeel.
Deze ontwikkeling wordt ook wel skills-based hiring genoemd. Daarbij staat niet de gevolgde opleiding centraal, maar wat iemand daadwerkelijk kan. Denk aan technische kennis, ervaring met specifieke systemen of processen en vaardigheden zoals samenwerken, probleemoplossend vermogen en leerbaarheid. Juist die combinatie bepaalt of iemand past bij het werk en bij de organisatie. Door hier meer aandacht aan te besteden, ontstaat een realistischer beeld van de kandidaat dan wanneer alleen naar een cv of diploma wordt gekeken.
Het loslaten van strikte diploma-eisen levert werkgevers bovendien meer op dan alleen extra instroom. De talentpool wordt groter, omdat ook zij-instromers en kandidaten met een minder traditionele loopbaan een kans krijgen. Dat maakt het eenvoudiger om vacatures in te vullen en zorgt tegelijkertijd voor meer diversiteit binnen teams. Daarnaast sluit een skills-gerichte benadering beter aan op sectoren die snel veranderen. Nieuwe technologieën en werkmethoden volgen elkaar in hoog tempo op en niet elke opleiding beweegt daarin even snel mee. Vaardigheden die in de praktijk zijn opgedaan, zijn dan vaak actueler dan theoretische kennis.
Dat betekent overigens niet dat diploma’s geen waarde meer hebben. In sommige functies blijven formele kwalificaties noodzakelijk, bijvoorbeeld vanwege wet- en regelgeving. Het verschil zit vooral in de manier waarop ze worden ingezet. In plaats van een harde eis worden diploma’s steeds vaker gezien als één van de indicatoren, naast ervaring, motivatie en aantoonbare skills.
Voor organisaties die willen meebewegen met deze ontwikkeling is het belangrijk om kritisch te kijken naar het eigen recruitmentproces. Vacatureteksten die vooral focussen op opleidingsniveau sluiten onbedoeld kandidaten uit, terwijl het benoemen van concrete vaardigheden juist uitnodigt om te reageren. Ook gesprekken en selectiemethoden kunnen hierop worden aangepast, bijvoorbeeld door kandidaten te laten vertellen over praktijksituaties of door hen te laten zien hoe zij problemen aanpakken.
In een krappe arbeidsmarkt draait het uiteindelijk om de vraag wie het werk goed kan doen, nu en in de toekomst. Door meer te kijken naar skills en minder naar diploma’s, ontstaat er ruimte voor nieuw talent en betere matches. Dat maakt organisaties wendbaarder en beter voorbereid op de uitdagingen van morgen.
Gerelateerde Artikelen & blogs





